STATUTEN VAN HET KERKGENOOTSCHAP "CHRISTENGEMEENTE BODEGRAVEN"

Artikel 1 NAAM EN ZETEL

De naam van het kerkgenootschap is "Christengemeente Bodegraven". Het kerkgenootschap, in deze statuten aangeduid met zowel "vereniging" als "gemeente", is opgericht in het jaar tweeduizend en vijftien.

Het kerkgenootschap voert ook de naam "De Bron".

De vereniging heeft haar zetel in de gemeente Bodegraven-Reeuwijk.

De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd.

Artikel 2 GRONDSLAG

De gemeente aanvaardt als haar grondslag de Bijbel als het enig geïnspireerde, gezaghebbende Woord van God. In de bijlage van deze Statuten is deze grondslag verwoord in de geloofsbelijdenis van de Christengemeente Bodegraven. Deze grondslag kan niet gewijzigd worden.

Artikel 3 DOELSTELLINGEN

Met alle gemeenteleden samen gestalte te geven aan het lichaam van Christus tot eer van God in Bodegraven en omgeving;

Het Evangelie van Jezus Christus uit te dragen en te verbreiden.

De gemeente wil deze doelen onder meer bereiken door:

de prediking van het Woord van God;

het verzorgen van samenkomsten overeenkomstig de als bijlage toegevoegde signatuur, waarbij regelmatig het avondmaal gevierd wordt;

Bijbelstudie, bidstond en kringen;

kinder- en jeugdwerk;

evangelisatie en zendingswerk;

het omzien naar elkaar;

pastorale zorg.

Artikel 4 LEDEN

Als leden van de gemeente worden toegelaten zij die zich daartoe aanmelden en voldoen aan de volgende voorwaarden:

overeenkomstig de Bijbel wedergeboren zijn;

blijk geven van een positief christelijke levenswandel;

de statuten en het huishoudelijk reglement van de gemeente volledig onderschrijven en zich bereid verklaren zowel in geestelijk als in materieel opzicht medeverantwoordelijkheid te dragen;

ten minste de leeftijd van 18 jaar hebben.

Het lidmaatschap van de gemeente vervalt:

door overlijden;

door (schriftelijk) bedanken;

door vertrek naar een andere gemeente;

door uitsluiting.

De wijze van aanmelding, toelating en uitsluiting worden in het huishoudelijk reglement omschreven.

Artikel 5 SCHORSING

De raad kan leden schorsen

die handelen in strijd met de statuten en/of het huishoudelijk reglement van de vereniging, of die zich niet gedragen naar de besluiten van de ledenvergadering, of ingevolge opdracht van de ledenvergadering;

indien kan worden aangetoond dat het lid leerstellingen verkondigt, die niet in overeenstemming zijn met de geloofsbelijdenis;

indien een lid handelingen pleegt of andere uitingen doet, die getuigen van opvattingen die als strijdig met de geloofsbelijdenis kunnen worden opgevat;

indien het lid handelingen doet of nalaat, die de belangen van de gemeente ernstig schaden.

De raad stelt het betrokken lid ten spoedigste schriftelijk van het besluit in kennis met opgave van redenen.

De raad stelt de periode vast gedurende welke het lid wordt geschorst.

Geschorste leden zijn verstoken van alle rechten, welke uit het lidmaatschap voortvloeien.

Artikel 6 DE RAAD

Het bestuur van de gemeente wordt gevormd door de raad.

Raadsleden zijn oudsten in Bijbelse zin.

Als lid van de raad komen alleen mannen in aanmerking, die ten minste één jaar lid van de gemeente zijn en voldoen aan het gestelde in de Bijbel (in het bijzonder Titus 1:5-9 en 1 Timotheüs 3:1-13). Van raadsleden wordt verwacht dat zij de Doop door onderdompeling onderschrijven.

Raadsleden worden door de gemeente aangesteld voor een bepaalde periode. Na deze periode is herbevestiging mogelijk, met dien verstande dat herbevestiging van een raadslid niet mogelijk is voor een derde ambtsperiode die direct volgt op twee aaneengesloten ambtsperioden.

De raad is in de eerste plaats belast met de herderlijke zorg en toerusting. Daarnaast is de behartiging van de zakelijke aangelegenheden van de gemeente aan de raad toevertrouwd.

De raad behartigt alle zaken van de gemeente, voert de besluiten uit van de ledenvergadering en beheert haar goederen.

De raad is, mits met goedkeuring van de ledenvergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de gemeente zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een derde verbindt. Op het ontbreken van deze goedkeuring van de ledenvergadering kan door en tegen derden beroep worden gedaan.

De gemeente wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door een afvaardiging uit de raad.

Alles wat verder nodig is voor het aanstellen van raadsleden en het functioneren van de raad wordt geregeld in het huishoudelijk reglement.

Artikel 7 DE LEDENVERGADERING

Ten minste tweemaal per jaar wordt schriftelijk een ledenvergadering bijeengeroepen. In deze vergaderingen legt de raad verantwoording af van zijn daden van bestuur en beheer en wordt de begroting vastgesteld.

Verder roept de raad een ledenvergadering bijeen zo vaak als nodig wordt geacht.

Indien ten minste één derde der leden met duidelijk omschreven reden kenbaar heeft gemaakt een ledenvergadering te willen houden, dan wordt door de raad binnen dertig dagen een ledenvergadering bijeengeroepen.

Alles wat verder nodig is voor het bijeenroepen en houden van een ledenvergadering wordt geregeld in het huishoudelijk reglement.

Artikel 8 HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Al hetgeen betrekking heeft op het functioneren van de gemeente kan nader worden geregeld in het huishoudelijk reglement. Dit huishoudelijk reglement mag geen bepalingen bevatten die in strijd zijn met de statuten.

Artikel 9 STATUTENWIJZIGING

Een voorstel tot wijziging van de statuten kan worden aangenomen tijdens een ledenvergadering met een tweederdemeerderheid der stemmen.

Een voorstel tot wijziging van de statuten kan niet eerder in stemming worden gebracht dan nadat een periode van twaalf weken is verstreken vanaf het moment dat het voorstel aan alle leden is bekendgemaakt.

Artikel 10 ONTBINDING

Tot ontbinding van de gemeente kan worden besloten tijdens een speciaal daartoe bijeengeroepen ledenvergadering met een drievierdemeerderheid der stemmen.

Het voorstel tot ontbinding kan niet eerder in stemming worden gebracht dan nadat een periode van twaalf weken is verstreken vanaf het moment dat het voorstel aan alle leden is bekendgemaakt.

Op dezelfde wijze zal besloten worden wat de gemeente zal doen met eventueel aanwezige baten die op dat moment in het bezit zijn van de gemeente.

Versie 2